Lutjebroek en zijn vele bijnamen

Foto: Wil Reus

Tekst: Piet Reus

Vorige week was ik in de woonkamer van Judith en Claus Kok, een historisch moment. Een viertal grote spandoeken van vriend Marc Sijm, was na dertig jaar tevoorschijn gehaald en in de kamer neergelegd. Die doeken vol met bijnamen van Lutjebroekers namen de kamer volledig in beslag.

Eind jaren 80 hadden die spandoeken een speciale functie in ‘de Wurf’. Met bovengenoemde mannen en Hans Scheer blikken we hier op terug.

Rumoerige tijden
In de jaren tachtig van de vorige eeuw verliepen de oudjaar vieringen tamelijk onrustig in Lutjebroek. De vlammen van het fik op de hoek van de Horn bij tankstation Kager werden met het jaar hoger. Wat niet meehielp was dat de kroegen in Lutjebroek altijd dicht waren met oud- en nieuw. Het leidde tot een climax in 1987 met her en der diverse branden op straat. Maandenlang opgespaarde banken, oude auto’s en autobanden gingen in vlammen op. Wijlen burgemeester Haanstra had zelfs assistentie gevraagd van de ME en de sfeer was tamelijk grimmig. Op de voorpagina van de Telegraaf van 2 januari 1987 werd vermeld, dat het met oud- en nieuw in Den Haag en ook in Lutjebroek onrustig was geweest. De burgemeester en ook de jeugd zelf vonden dat het maar eens over moest zijn. Contacten tussen beide werden gelegd en een heus comité van acht jongeren zag het levenslicht. Het comité verzekerde ‘de burrie’ dat zij ervoor zou zorgen dat het voortaan rustig bleef.

Criminelenbal
Hiervoor werd een paar jaar achter elkaar een oud- en nieuw feest (het zg. Criminelenbal) in de Wurf georganiseerd met livemuziek. Een ludiek idee was het ophangen van grote spandoeken met bijnamen. Dat zorgde al voor een hoop voorpret. Zo’n zeshonderd namen vonden hun weg naar de doeken. Het comité slaagde in de opzet. Het feest werd tot in de vroege uurtjes een groot succes en het bleef zoals beloofd rustig op straat.

Een dorp vol bijnamen
Volgens Hans Scheer hebben we in Lutjebroek meer bijnamen dan inwoners. Iedere bijnaam heeft zijn achtergrond of verhaal. Ze zijn vaak grappig, maar soms ook niet al te vleiend. Die zijn dan voor gebruik in beperkte kring. Vaak was er gewoon een praktische reden. Wat doe je als in je kleine dorp op meer dan vijftig adressen een familie Bakker woont? Dat worden dan Kinnebakken, Snurken, Slokken, Knoeke, Skimmels of Kakstien. Achternamen als Jong, Oud, Ligthart, Sijm, Kok en Ooteman blijken, de Katten, Katzers, Kaatjes, Salies, Bokken, de Clère, Snuggels, Bobberts en Pommen.

Wie kent ze niet
Plets Plons, de Gaper, Peek, de Ruige en Stago. Wie kent ze niet? Uitbater van café de Paus, wijlen Rob Bakker was een meester in het bedenken van bijnamen. Al kreeg je hem niet zomaar, daar moest je wel wat voor doen. Jos Slagter betaalde ooit zijn lat (openstaande rekening) in de Paus niet met geld maar met een hele kist slabonen van eigen teelt. Nadien ging hij als Slabôôn door het leven. Bij een wedstrijd wie de meeste augurken kon eten in de Paus kwam Jan (Augurk) Buijsman na een flink aantal potten te hebben verorberd als glorieuze winnaar uit de strijd. Al was Jan wel wat aangeslagen (ziek met overgeven en al), hij haalde er de krant mee met als toepasselijke kop: ‘zuur record’. De jeugd zet de traditie voort. Er loopt een Kriebel jr. rond en jongelui heten Salie of Snuggel.

Marc Sijm heeft de spandoeken met bijnamen, dertig jaar lang bewaard in zijn schuur aan de 2e Rozenstraat. Maar volgend jaar met Lutjebroeker kermis zal hij ze in zijn schuur ophangen. Een leuk vooruitzicht.